Mijn uilen…

Bosuiltje, opname Oudendijk, Oudeland van Strijen

Het Oudeland van Strijen kan worden beschouwd als een stuk voorland (buitendijks gebied) van de voormalige Groote of Zuidhollandse Waard. De Zuidhollandse Waard was een bedijkt gebied dat globaal gelegen was tussen Dordrecht, Werkendam, Heusden en Geertruidenberg. Deze Waard is na de overstromingen in 1421/22 (St. Elizabethsvloed) verloren gegaan. Later is de polder opnieuw bedijkt. Het Oudeland van Strijen, dat vooral bestaat uit grasland- en akkerbouwpercelen, heeft een zeer open karakter. Er is nauwelijks bebouwing en opgaande begroeiing in het gebied aanwezig. Boerderijen staan langs de dijken aan de rand van het gebied. Ik heb er van 1998 tot 2016 in een dijkhuis gewoond. Met een onbelemmerd uitzicht tot aan Dordrecht, Rotterdam en natuurlijk Strijen.

Het Oudeland van Strijen is in de wintermaanden van groot belang als voedselgebied voor Brandgans en Kolgans. Hier foerageren in die periode duizenden exemplaren van deze vogels. De bijbehorende rustplaatsen liggen onder andere in de Natura 2000-gebieden Haringvliet en Hollandsch Diep. In de maanden november tot en met februari, zijn er dwergganzen te zien, tot wel meer dan 50 vogels. Het is daarmee een van de belangrijkste pleisterplaatsen voor deze zeldzame ganzensoort in Nederland. Ook van een andere grazer, de Smient, zijn in de winter vaak duizenden aanwezig. Roofvogels die graag in open gebieden bij watervogelconcentraties jagen, in het bijzonder Slechtvalk en af en toe een Zeearend, weten het gebied dan ook te vinden. In de trektijd zijn geregeld duizenden goudplevieren en kieviten aanwezig.

Maar er zijn ook andere gasten te bewonderen. Zoals het bosuiltje dat in mijn tuin genoeg te eten vond. Maar ook een ransuil was er niet weg te slaan. En op de schommel zat regelmatig een buizerd.

Ransuil, opname Oudendijk, Oudeland van Strijen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Buizerd op schommel, opname Oudendijk, Strijen.